//bach.de/leben/pics/signature.gif

Home ] [ cantates ] [ varia ] [ biografie ]

In een driedelige Bijbel (Luthers vertaling met commentaar van de hand van Abraham Calov, 1681, door Bach verworven in 1733) staan notities in Bach's eigen handschrift. Bij de boeken der Kronieken gaat het drie keer over de betekenis van muziek. Een weergave met wat duiding.

J.S. Bach,
Calovia nr. [1] 2 [3]

bij het eerste boek der Kronieken, hoofdstuk 28 (slot)

calov_Beweis

NB. Ein herrlicher Beweiss, dass neben anderen Anstalten des Gottesdienstes, besonders auch die Musica von Gottes Geist durch David mit angeordnet worden.

NB. Prachtig bewijs dat de heilige Geest via David het zo heeft ingericht, dat naast andere vormen van eredienst, in het bijzonder ook de Muziek in dit geheel een plaats moet krijgen. -- ['anordnen' = regelen, inrichten; 'Anstalt' = inrichting, orde (in de 17de eeuw vooral gebruikt in de wereld van de kanselarij, ambtenarij)] 

 

 

TOELICHTING
Deze aantekening bevindt zich in de marge van 1 Kronieken 28, 21 een vers dat door Abraham Calov van een uitgebreid commentaar is voorzien. Dit vers besluit het hoofdstuk, waarin David zijn taken aan Salomo overdraagt. De slotzin is een bemoediging: Salomo moet niet aarzelen voor alle onderdelen van de tempeldienst een beroep te doen op de priesters, Levieten en andere kundige lieden. Zij zullen zijn bevelen opvolgen. Dat is hun ambt. Zo heeft God dat 'geordend': Siehe da die Ordnung.

Calov haakt in op deze passage om nog eens te onderlijnen dat David (en Salomo) bij de bouw van de tempel en de organisatie van de eredienst niet eigenwillig te werk zijn gegaan, maar ook hier gehandeld hebben volgens Gods expliciete aanwijzingen, bemiddeld door de heilige Geest. De tempeldienst is dus 'exemplarisch', voorbeeldig, een eeuwig model.

Bach heeft de hele passage gemarkeerd (kantlijn) en de woorden ist auss dieses Göttliche Fürbildes ook nog eens onderstreept. Zijn opmerking in de marge haakt hierop in. Ook de 'Musica' hoort hierbij, d.w.z. die is ook een door God zelf ingesteld als onderdeel van de eredienst. Dat staat op zich niet in vers 21, maar is in de voorgaande hoofdstukken nadrukkelijk beschreven (Bach heeft - zoals we al zagen - met name hoofdstuk 25 goed bestudeerd, waar de muzikale ambtsdragers met naam en toenaam worden genoemd (zie Calovia 1). Door het woord 'Beweis' te gebruiken krijgt zijn vaststelling een wetenschappelijk argumentatief karakter. Zoals theologen 'loca probantia' (bewijsplaatsen) zochten voor hun leerstellingen, zo ook Bach voor zijn visie op de hoge rol die muziek in de eredienst hoort te spelen. kerkmusicus zijn is een ambt.  

BIJBEL: v.21. Sihe da die Ordnung der Priester und Leviten zu allen Aemptern im Hause Gottes, sind mit dir zu allem Geschäfft, und sind willig und weise zu allen Aemptern, dazu die Fürsten und das Volck zu allen deinen Handeln.
CALOV: (welche du wirst fürnehmen. Es ist aber auß dieses Göttlichen Fürbildes, und aller Prophetischen Anordnung Davids offenbar, daß er nichts auß eigenen Wercken gethan habe, im Bau und Bestellung des Tempels, und Gottesdienstes, sondern nach dem Fürbilde, daß ihm der HErr durch seinen Geist fürgestellet hat, in allen Stücken und nach denen AmptsBestallungen, wie und auff was weise sie GOtt der Herr ihm das Herz gegeben hat....)

(Calov 1) vorige  |  volgende (Calov 3)

Home ] [ cantates ] [ varia ] [ biografie ]

Dick Wursten (dick@wursten.be)